Blog 15.02.2024

Nieuwe verplichtingen in de strijd tegen witwassen

Op 17 januari 2024 hebben de Europese Raad en het Europees Parlement een voorlopig akkoord bereikt over een nieuwe set Europese anti-witwasregels. Met dit nieuwe pakket aan regels wordt beoogd het Europese anti-witwassysteem verder te harmoniseren. Het akkoord ziet (onder meer) op een nieuwe anti-witwasverordening (‘AMLR’, waaronder de introductie van een ‘AML Single Rulebook’) en de herziening van een reeds bestaande anti-witwasrichtlijn (‘AMLD6’). De deal volgt op het akkoord dat de Raad en het Parlement in december 2023 bereikten over de oprichting van een centrale (Europese) anti-witwasautoriteit (‘AMLA’)

De verordening

Het huidige Europese anti-witwaskader is grotendeels vastgelegd in de vijfde anti-witwasrichtlijn, waarin minimumregels zijn opgenomen die lidstaten via nationale wetgeving moeten implementeren. In de AMLR – een verordening, waarvan de bepalingen rechtstreeks toepasselijk zijn -  wordt de aanpak uit de richtlijn overgenomen en worden daarnaast bepalingen toegevoegd over i) de verplichtingen voor meldingsplichtige entiteiten, (ii) intern beleid, controles en procedures van meldingsplichtige entiteiten, (iii) cliëntenonderzoek, (iv) transparantie met betrekking tot uiteindelijke begunstigden, (v) rapportageverplichtingen, (vi) het bewaren van gegevens en (vii) maatregelen om de risico's die voortvloeien uit anonieme ‘instrumenten’ (zoals aandelen aan toonder) te beperken. Enkele belangrijke onderwerpen zijn de volgende:

  • De lijst van meldingsplichtige entiteiten wordt uitgebreid. Zo worden onder meer aanbieders van cryptoactivadiensten (CASP’s) en handelaren in luxegoederen, luxe auto’s, jachten en cultuurgoederen zoals kunstwerken meldingsplichtige entiteiten. Bijzondere aandacht wordt besteed aan professionele voetbalclubs en -agenten. Na een lange periode van publiek debat[1] worden deze voor het eerst binnen het toepassingsgebied van het EU-witwaskader gebracht.
  • Cryptoactivadienstverleners (CASP’s) zullen worden verplicht om due diligence uit de voeren ten aanzien van hun klanten. CASP’s worden verplicht cliëntenonderzoek te doen bij transacties van € 1000,00 of meer.
  • Contante betalingen zullen verder worden gereguleerd. Contante betalingen boven
    € 10.000,00 worden verboden.[2]
  • Daarnaast voorziet de verordening in regels met betrekking tot de identificatie en registratie van UBO’s. Zowel eigendom als controle zijn leidend in de beantwoording van de vraag of iemand als UBO kwalificeert. De drempel voor UBO-schap zal EU-breed worden vastgesteld op bezit van 25% van de aandelen, stemrechten of andere eigendomsbelangen. Tevens wordt – met terugwerkende kracht - de verplichte registratie van het uiteindelijk eigendom voor alle buitenlandse entiteiten die onroerend goed bezitten geïntroduceerd.
  • Er dienen verscherpte due diligence-maatregelen te worden toegepast op incidentele transacties en zakelijke relaties waarbij zgn. derde landen met een hoog risico betroken zijn. De Commissie zal daartoe een risicobeoordeling uitbrengen, gebaseerd op de lijsten van de Financial Action Task Force (‘FATF’).
  • Tot slot is vermeldenswaardig dat de bepalingen inzake gegevensbescherming en het bewaren van documenten om toegang voor de bevoegde autoriteiten mogelijk te maken tot informatie over de UBO’s die in het bezit zijn van de meldingsplichtige entiteiten worden herzien.

De richtlijn (AMLD6)

De nieuwe anti-witwasrichtlijn (‘AMLD6’) beoogt te voorzien in regels die niet goed in de verordening kunnen worden opgenomen, omdat deze omzetting in de nationale wet- en regelgeving vereisen. Enkele belangrijke wijzigingen zijn de navolgende:

  • De nieuwe richtlijn geeft entiteiten die het UBO-register beheren de verplichting om de juistheid, geschiktheid en actualiteit van de verstrekte informatie te verifiëren. Indien er twijfel bestaat over de verstrekte informatie, dienen zij de bevoegdheid te hebben inspecties ter plaatse in de gebouwen van de betrokken juridische entiteiten uit te voeren.
  • Naast de toezichthouder kunnen ook anderen met een legitiem belang, bijvoorbeeld de pers, toegang krijgen tot gegevens uit het UBO-register.
  • De bevoegde autoriteiten dienen via een centraal toegangspunt toegang te verkrijgen tot vastgoed­registers, die informatie bevatten over de prijs, het type eigendom, de achtergrond en lasten zoals hypotheken, gerechtelijke beperkingen en eigendomsrechten.
  • De FIU’s krijgen directe toegang tot financiële, administratieve en wetshandhavingsinformatie, zoals belastinginformatie, wapen- en motorrijtuigenregisters.
  • Tevens krijgen de autoriteiten de mogelijkheid transacties op te schorten of de toestemming daarvoor te onthouden om onderzoek te kunnen doen en de resultaten daarvan te delen met de relevante autoriteiten.

Hoe nu verder?

Het pakket aan regelgeving dient te worden goedgekeurd door de vertegenwoordigers van de lidstaten en het Europees Parlement. Naar verwachting zal dit nog vóór de Europese verkiezingen juni dit jaar plaatsvinden. Op basis van de voorstellen zal de nieuwe richtlijn binnen twee jaar na de inwerkingtreding ervan door de lidstaten moeten zijn omgezet en zal het EU ‘AML Single Rulebook’ drie jaar na inwerkingtreding van toepassing zijn.

De verordening en de nieuwe richtlijn bevatten belangrijke wijzigingen ten opzichte van het huidige kader. Beoogd wordt een duidelijke set van regels te implementeren en een consistentere aanpak te bieden aan betrokken entiteiten.

Bij die doelstelling passen enkele kanttekeningen. Mogelijk komen de voorgestelde herzieningen door een grotere mate van zekerheid of voorspelbaarheid met betrekking tot regelgevend onderzoek ten goede aan entiteiten die in meerdere lidstaten actief zijn. Het blijft lidstaten echter vrij staan maatregelen te treffen die verder gaan dan die in de voorstellen zijn opgenomen, waardoor ondernemingen mogelijk alsnog met uiteenlopende regels of beleid worden geconfronteerd. En alhoewel in de voorstellen wordt opgemerkt dat niet wordt gestreefd naar maximale harmonisatie, rijst de vraag hoe verdere harmonisatie van het anti-witwaskader zich laat rijmen met het fundamentele risicogebaseerde karakter van het AML/CFT-stelsel van de EU en welke betekenis dit zal hebben in de praktijk. De entiteiten die onder het raamwerk (zullen) vallen, zullen zich in ieder geval geconfronteerd zien met meer verantwoordelijkheden en de daarbij horende administratieve en financiële lasten, en dienen zich daar adequaat op voor te bereiden.

Vragen?

Vraagt u zich af of de verordening en de richtlijn op u van toepassing zullen zijn? En welke invloed de verordening en de richtlijn op uw onderneming kunnen hebben? Neem contact op met Paul Verloop of Talat van Nispen.

[1] Zie onder meer M. Van den Eerenbeemt, ‘EU start offensief tegen witwassen, met onder meer cryptohandel en profvoetbal in het vizier’, Volkskrant 18 januari 2024; zie hierover in het binnenland de kamervragen (2024Z00523) die naar aanleiding van ontvangst van sponsorgeld van Aziatische gokbedrijven door Ajax en PSV zijn gesteld.

[2] Alhoewel in Nederland reeds een wetsvoorstel werd ingediend om contante betalingen vanaf € 3.000,00 voor beroeps- of bedrijfsmatige handelaren geheel te verbieden, laat een daadwerkelijk verbod op zich wachten nu voornoemd wetsvoorstel pas door een volgend kabinet in behandeling zal worden genomen: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/wetsvoorstellen/detail?cfg=wetsvoorsteldetails&qry=wetsvoorstel%3A36228

Gepubliceerd door
Talat van Nispen, Paul Verloop